Vijftien jaar bij dezelfde opdrachtgever – en toch geen werknemer

Een freelancer werkte bijna vijftien jaar voor dezelfde organisatie. Toch oordeelde het Gerechtshof Den Haag dat geen arbeidsovereenkomst was ontstaan. De opdrachtgever moest hem wel €33.072 betalen vanwege de manier waarop de langdurige samenwerking werd beëindigd.
Waarom bleef hij zelfstandig?
De freelancer was aanvankelijk als systeembeheerder in dienst bij de Unie van Waterschappen. Nadat zijn arbeidsovereenkomst in 2010 was beëindigd, bleef hij via zijn eigen onderneming ongeveer zestien uur per week websites en applicaties beheren.
Bij de beoordeling keek het gerechtshof naar de volledige samenwerking. De lange duur, de persoonlijke uitvoering van het werk en het eerdere dienstverband wezen in de richting van een arbeidsovereenkomst. Andere omstandigheden lieten echter daadwerkelijke zelfstandigheid zien.
De freelancer onderhandelde over zijn tarieven en voorwaarden, deed tegenvoorstellen en stelde zelf verschillende overeenkomsten op. Hij organiseerde zijn werktijden zelfstandig, factureerde wisselende bedragen met btw, gebruikte zijn eigen apparatuur en beschikte over een beroepsaansprakelijkheidsverzekering. Daarnaast werkte hij ook voor andere opdrachtgevers.
Hij werd bovendien niet beoordeeld zoals werknemers, nam niet deel aan het reguliere personeelsoverleg en mocht zijn werkzaamheden naar eigen inzicht uitvoeren, zolang de websites functioneerden en technische problemen werden opgelost. Volgens het gerechtshof wezen de omstandigheden, in onderling verband bezien, voornamelijk op een overeenkomst van opdracht.
Dat de contractuele en administratieve afhandeling later via een broker verliep, veranderde deze conclusie niet. De beoordeling draaide niet om één contract, factuur of tussenpersoon, maar om de manier waarop de freelancer en de opdrachtgever hun samenwerking daadwerkelijk hadden ingericht en uitgevoerd. De duur van een opdracht is dus relevant, maar niet doorslaggevend.
Waarom moest de opdrachtgever toch betalen?
Het ontbreken van een arbeidsovereenkomst betekende niet dat de opdrachtgever de samenwerking zonder een passende termijn kon beëindigen.
Door de jarenlange relatie mocht de freelancer volgens het gerechtshof redelijkerwijs rekening houden met voortzetting. Hij hoorde pas in december 2024 dat zijn opdracht op 1 februari 2025 zou eindigen. Het gerechtshof vond dat een redelijke termijn van ten minste zes maanden had moeten worden gehanteerd.
De Unie van Waterschappen moest daarom €33.072 betalen. Dit bedrag vertegenwoordigde zes maanden aan gemiste inkomsten. Het was geen arbeidsrechtelijke vergoeding, maar een schadevergoeding vanwege de beëindiging van de commerciële relatie.
Key insights voor opdrachtgevers
Een langdurige opdracht wordt niet automatisch een arbeidsovereenkomst. De volledige relatie blijft bepalend: wie bepaalt de werkwijze, hoe wordt betaald, draagt de freelancer ondernemersrisico en werkt hij ook voor andere opdrachtgevers?
Tegelijkertijd kan een langdurige commerciële samenwerking verwachtingen creëren over verlenging en beëindiging. Leg daarom niet alleen vast hoe zelfstandig de opdracht wordt uitgevoerd, maar maak ook duidelijke en passende afspraken over opzegging en beëindiging.
More News
View all news →An intermediary deducted 3.5% from a freelancer’s pay for arranging an assignment. The Arnhem-Leeuwarden Court of Appeal held that the fee breached Dutch law. The case shows why intermediaries and marketplace operators need to look at what the fee buys and how the assignment works in practice.
Preparing for 2027 starts with understanding how your freelance arrangements work today. This guide helps clients identify what to check, which questions need a closer look and what to resolve before approving or renewing an assignment. The budget is approved, the freelancer is available and last year’s agreement is ready to reuse. Before signing, ask one more question: does the proposed arrangement still make sense as freelance work? Start by comparing the agreement with how the work will actually be done. Have the duties changed? Who will direct the work? If an intermediary is involved, what will it be responsible for? The checks below help you spot what needs a closer look before you sign.
An FMS operator combines mediation between clients and freelancers with the administration of assignments through a Freelance Management System. In this model, the client and freelancer contract directly for the work. The operator supports their engagement without becoming the contractor responsible for delivering the assignment. A client needs an independent engineer. A business introduces a suitable professional, helps collect the documents and supports the agreement and invoicing. The engineer delivers the services directly to the client. The business remains involved throughout the assignment, but it has not employed the engineer or undertaken to deliver the engineering work itself. How should that role be described? FMS operator provides a useful name. In this article, it means a business that uses a Freelance Management System to connect clients and freelancers and administer their direct engagements. It builds on the mediation role—bemiddeling in Dutch—which Zooly has also described as the broker role. The term describes a business model. It is not a new statutory status.
“Close the gap before the climb.” Imagine hearing that in your earpiece with a teammate on your wheel. The team director has spotted a move up the road, and you have seconds to respond. The instruction tells you what the team needs in that moment. To understand the rider’s working relationship, it helps to look at what happens after the finish. The men’s WorldTour rules allow teams to engage self-employed riders where the applicable law permits it, and they set conditions for pay and insurance. So who sets the rider’s training schedule between races? Can the rider negotiate an extra commitment? Who bears the cost if an injury keeps them off the bike? Together, those details help show how much independence the rider has in practice and who carries the financial risk. UCI Road Regulations, Article 2.15.115 bis